Benodigheden voor het zanddeeg:

225 gr bloem
75 gr bastardsuiker
150 gr koude boter in blokjes
1 eidooier
mespuntje zout

Voor de chocoladebiscuit:

5 eieren
150 gr suiker
100 gr bloem
50 gr mayzena
50 gr cacoupoeder
1 tl bakpoeder
Een scheutje vanille extract

Voor het chocotof laagje:

15 chocotofs
50 tot 75 ml room

Voor de karamelsaus:

1 dl room
200 gr suiker
50 gr boter
1 dl water

Voor de chocomousse:

500 ml slagroom
50 gr poedersuiker
150 gr gesmolten chocotofs

Voor de ganache:

400 ml room
300 gr chocotofs
100 gr suiker
100 gr echte boter

Bakring of grote springvorm

Werkwijze:

De zandbodem. Doe alle ingrediënten in de kitchenaid en meng tot het deeg aan elkaar kleeft en doe er dan de eidooier bij. Kneed verder tot het ei volledig opgenomen is in de massa. Haal het deeg uit de kom en verpak het in plastic folie. Laat het deeg ca 1 rusten in de koelkast. Na het rusten neem je het deeg en je legt het op een vel bakpapier. Rol nu het deeg uit tot een ronde lap die iets groter is dan je bakring. Steek met de bakring de juiste grootte uit en neem al het overtollige deeg aan de buitenkant van de ring weg. Vouw nu je bakpapier op langs de ring. Schuif de ring op bakplaat en bak de bodem blind in een voorverwarmde oven op 200 ° in ongeveer 30 Minuten. Laat na het bakken volledig afkoelen. Wanneer de zandbodem afgekoeld is zet je hem terug in de bakring of springvorm.

De biscuit. Splits de eieren en klop de eiwitten met een beetje suiker en een snuf zout stijf. Neem een pan en zet er een kom in waarin je de eigelen samen met de rest van de suiker los klopt. Verwarm de massa tot 40° en schenk het daarna over naar de kitchenaid. Laat de machine nu op de hoogste snelheid kloppen tot de massa koud is. Neem het eiwit erbij en doe een flinke lepel bij de ruban. Spatel onder en leg nu de rest van het eiwit er bovenop. Doe de droge ingrediënten bij elkaar en zeef ze boven de kom. Spatel voorzichtig onder de massa. Verdeel nu het beslag in je bakring en plaats de biscuit in de oven. Afbakken op 175° in ca 30 à 35 minuten. Laat de biscuit na het bakken volledig afkoelen. Wanneer de biscuit koud is snijd je hem met een taartenzaag in 3 lagen.

Chocomousse: Smelt de chocolade au bain marie. Neem de slagroom en klop deze half stijf samen met het poedersuiker. Schenk de gesmolten chocotofs erbij en klop de chocoladeslagroom verder stijf. Doe de mousse in een spuitzak en leg koud weg in de koelkast.

Chocotof laagje: Neem een steelpan schenk er de room in samen met de chocotofs. Laat op een laag vuur smelten tot een smeuige massa. Als de saus te dik is schenk je er nog een klein beetje room bij maar hij mag niet lopend worden !

Karamelsaus: Neem een steelpan en schenk hierin het water met de suiker. Laat het geheel op een hoog vuur inkoken totdat de suiker donkerbruin is ( let op ! laat hem niet verbranden ! ). Haal de pan van het vuur en blus met een scheutje koud water. Let op ! Dit spat, is zeer heet en kan zorgen voor brandwonden, wees dus zeer voorzichtig ! Na het blussen neem je de boter en roert deze onder de karamelsaus. Voeg de room toe en roer verder. Zet de saus eventueel op het vuur terug om in te dikken als dit nodig mocht zijn.

Neem de zandbodem die in de springvorm zit erbij. Verdeel lepel voor lepel de karamelsaus over de zandbodem en strijk uit met een paletmes. Leg er de bodem van de biscuit bovenop. Neem nu het chocotofsausje en smeer een gedeelte ervan op de biscuit. Strijk uit met een paletmes. Neem de spuitzak met de chocomousse en spuit een laag op de biscuit. Neem de middelste biscuit en leg deze er bovenop. Breng weer een laagje chocotofsaus en chocomousse aan en leg het deksel erop.

Verpak de taart in plastic folie en laat de taart opstijven in de koelkast. Ondertussen maak je de ganache.

Ganache: Breng de room met de suiker aan de kook. Haal de pan van het vuur en voeg de chocotofs toe. Roer met een garde goed door totdat de chocolade volledig gesmolten is. Doe het klontje boter erbij en roer verder tot ook dat gesmolten is. Zet de ganache aan de kant om af te koelen.

Als de ganache afgekoeld is neem je een schone bakplaat. Hierop zet je een taartrooster. Plaats de taart op het rooster en schenk de ganache erover. Laat uitdruppen. Als de taart niet overal bedekt is neem je de bakplaat erbij en schraapt de ganache terug in de pan. Roer even door en zet je taart weer terug op het rooster op de bakplaat en herhaal het schenken van de ganache. Zet de taart koud weg. De ganache zal niet volledig uitharden maar bijft een zachtheid behouden.

Werk voor het serveren af met gehakte en hele chocotofs.

Smakelijk.

Print Friendly, PDF & Email

Door deze website te gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om de beste surfervaring mogelijkte maken voor u. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten